Een ode aan het onbeduidende.

Als je in de trein zit tussen Utrecht en Den Bosch, en je kijkt naar het oosten, dan kun je iets heel bijzonders zien: een vreemd, half vervallen huisje met een opmerkelijke schildering.
De meeste mensen missen het, maar mijn vriend Leon niet. Twintig jaar geleden stapte hij uit de trein en ontdekte een mooi verhaal.

In de jaren 80 maakten twee broers, in het holst van de nacht, op een oud schuurtje een schildering van hun held Jimi Hendrix, outsider, enfant terrible, iemand die brak met de regels en daardoor iets nieuws ontdekte.

Over het huisje maakte Leon een korte film. En daarmee zette hij iets in beweging. Niet groot, niet luid maar precies goed. Een ode aan ongehoorzaamheid, aan het dwarsdenken, aan het onbeduidende dat alles zegt.

In de loop van de tijd begon het Hendrix huisje langzaam te vervallen. Het dak stortte in, de schildering vervaagde, het groen onttrok het aan het zicht. Het leek alsof de tijd het wilde uitwissen.


Het werd tijd voor actie.
In de vroege ochtendmist van september hebben we elkaar gevonden. Midden in een wei langs het spoor. Een handvol mensen met ladders, zagen en wat hout. Samen hebben we het huisje opgeknapt en het groen gesnoeid. En nu kun je Hendrix weer zien vanuit de trein.

We deden dat niet omdat het moest. Maar omdat het mooi was om te doen. Zonder subsidie en zonder plan. Ergens was het ook een daad van verzet. En daarmee ontdekte ik, net als Jimi Hendrix, dat sommige regels niet kloppen: Kwaliteit laat zich niet op voorhand beoordelen, en niet alle resultaten zijn meetbaar. Hoe meet je verwondering, inspiratie of geluk? Dat kan niet. Echt niet.
Laat je niets wijsmaken. 

Voor mij was het opknappen van het Hendrix huisje een van de hoogtepunten van het jaar. Ik ontdekte iets nieuws die dag:

Als niet kan worden geteld wat telt, telt het ontelbare des te meer.

Peter.

Over Leon kun je meer informatie vinden op de website www.mondoloene.nl